Opflikkeringen van de aandacht, momenten van intensiever nadenken en van dieper
inzicht vervluchtigden snel en men miste potlood en papier om het uitgedachte vast te
leggen sterk.
Anda, wier geest merkwaardigerwijs steeds actief bleef, zette haar behoefte om haar
denkresultaten op schrift te stellen om in mondelinge uitingen.  Maar een lange rede-
nering was voor velen te vermoeiend.
Van wat er in haar geest leefde, heb ook ik slechts brokstukken opgevangen en behouden.
De beklemming, die het celleven zovelen gaf, kende zij niet; weinig gebonden aan materiele behoeften, aan aardse wensen en comfort stond zij onder alle omstandigheden vrij en open tegenover het leven en haar rijkdom aan ideen liet zich
door geen S.D.-er en door geen Madeleine stuiten.
Toen zij het quasi-zakelijk opgestelde protocol, zonder de inhoud ervan te kennen,
tekende, vroeg de S.D,-er, welke straf zij wenste.
  "Op transport naar Duitsland en daar als verpleegster bij het Rode Kruis werken"
was haar antwoord.
Men heeft in dit verzoek toegestemd, doch zich, zoals de gewoontewas, ook niet aan
deze belofte gehouden.

Haar verlangen om vrij te komen werd vrijwel uitsluitend gedragen door haar behoefte
om nuttig werk te doen, juist in oorlogstijd.  Haar bezieling en geestkracht waren onver-
minderd gebleven.
Zij was een diegenen, die het illegale werk deden op grond van zuivere motieven, die
vanuit een zuiver-dienende houding tegenover hun medemensen anderen hielpen,
wanneer deze werden geknecht en achtervolgd door de overheersers; zij was een van
diegenen, die in heilige verontwaardiging in opstand komen en trachten in te grijpen, als er onrecht aan medemensen geschiedt of onverdiend leed wordt aangedaan, en die, omdat zij angst voor lichamelijke pijn en dood niet kennen of hebben overwonnen, met volkomen zelfopoffering zich volledig inzetten en moedig alle werk op zich nemen,
bereid ieder offer ervoor te brengen, ook dat van hun leven, als het zou moeten.
Dit offer werd van haar gevraagd en zij zal het rustig hebben gebracht.

Vermoedelijk is het moeilijker voor haar te verwerken geweest, dat werd afgebroken
wat zij zich had gesteld, en als taak dat ze in het H.v.B. voortdurend werd opgehitst en
maandenlang werkloos in een cel moest zitten, dan de voorstelling van de naderende
dood.
" Ik dacht dat het een grapje was, toen ze mij kwamen halen", vertelde ze eens met een
smal lachje.
Nee, het was geen grapje, als je verraden was door een zogenaamde Engelse parachutist, die je onderdak verschafte en die je ongemerkt uithoorde en te weten kwam, dat je geheel alleen een krantje schreef, stencilde en verspreidde, dat je met andere tezamen (Gerrit J. Boekhoven) vele honderden bonkaarten voor onderduikers
verzorgde en hun financien en zoveel meer!
Bij de verhoren bleef ze ontkennen en zwijgen, totdat haar medewerkster (D. Aikema?)
werd gearresteerd met zoveel bewijsmateriaal bij zich, dat Anda, bij de confrontatie met haar wel moest bekennen.
Over deze bekentenis heeft zij tot aan haar dood toe zelfverwijt gehad. "Ik ben mezelf
zo tegengevallen, dat is voor mij het ergst van deze tijd", zei ze, en bij deze woorden
zagen wij voor de tweede keer tranen in haar ogen.....
Een van haar beulen [Sleijffer] heeft later tegenover een mannelijke slachtoffer, dat later door hem werd "behandeld"' zijn bewondering voor Anda's zelfbeheersing en houding tijdens en na zijn mishandelingen geuit.
  "Geen man verdraagt zwijgend, wat zij verdragen heeft", prees hij.
Men bewerkte haar met gummistokken, keer op keer, totdat de huid van haar rug zwart zag van de onderhuidse bloedingen; als ze in zwijm viel, stuurde men de daartoe
opgehitste honden op haar af, en als ze dan weer was bijgekomen, viel de gummistok
opnieuw.